Statuten & 
Huishoudelijk Reglement
  Orchideeëntuin in het Gerendal
Tentoonstellingen
NOV vraagbaak New Orchideeën Foto Gallery

 

titel03 foto106

Bloemendal
In het schone Limburgse heuvelland, even buiten Valkenburg, ligt het Gerendal, volgens een folder van Staatsbosbeheer waarschijnlijk het beroemdste bloemendal van Nederland. Het is een ‘droogdal’ waar geen beken of stromen doorheen vloeien, maar dat wel is ontstaan door regen en smeltwater van wintersneeuw. Zo is de bodem eeuwenlang verder geërodeerd tot de kalksteen aan de oppervlakte is gekomen. Die kalk is daar meer dan honderd miljoen jaren geleden gevormd uit dikke lagen sediment van grote hoeveelheden schelp- en schaaldieren die er eens leefden in een ondiepe zee die het land toen nog bedekte.

Orchideeëntuin
Midden in dat prachtige dal ligt de Orchideeëntuin. Het is geen aangelegde siertuin, maar een natuurlijke, bij onbewolkt weer zonovergoten, schuin oplopende graslandhelling, waar ieder jaar, in mei en juni, wel twintig soorten inheemse orchideeën bloeien. De heuvelhelling is in 1958 als reservaat voor orchideeën in gebruik genomen omdat er in de kalkrijke bodem reeds talrijke soorten groeiden. In de eerste jaren zijn zeldzame orchideeën uit de omgeving overgebracht naar de tuin, omdat ze daar beter beschermd kunnen worden. De meeste planten hebben er zich echter spontaan gevestigd. Zo groeien er het Soldaatje, de Harlekijn, de Aapjesorchis, de Bruine orchis, de Welriekende orchis en het Hondskruid. Ook andere zeldzame planten, zoals Wilde akelei, Wilde marjolein, Echt walstro en Kalkwalstro maken deel uit van de jaarlijkse bloemenpracht. Bij enkele planten heeft Staatsbosbeheer naambordjes geplaatst.

Ton Olislagers, plaatselijk medewerker van Staatsbosbeheer, schat het aantal bezoekers aan de Orchideeëntuin in het Gerendal op tienduizend tot vijftienduizend per jaar. Dat zijn er heel veel, als je bedenkt dat de tuin slechts twee maanden per jaar toegankelijk is voor publiek. Het zijn allen natuurliefhebbers die de tuin bezoeken, maar het zijn niet allemaal orchideeënkenners. Toen mijn vrouw en ik vorig jaar de orchideeëntuin bezochten vertelde Ton ons dat een bezoekster hem eens vroeg: “Waar zijn de kassen?” “Welke kassen, mevrouw?” vroeg hij. “Er zijn hier toch orchideeën en die groeien toch alleen in kassen.” “Nee, mevrouw, niet allemaal. De orchideeën die hier groeien zijn inheemse soorten en die groeien gewoon in de vrije natuur.” “Waar zijn ze dan?” vroeg de bezoekster. “Overal om u heen mevrouw, kijkt u maar, daar en daar en daar en daar.”.

foto207
foto306
foto506
foto406

Veel bloemen staan dicht genoeg bij de wandelpaden die de tuin doorkruisen, om details van hun schoonheid van dichtbij te kunnen bewonderen of zelfs om close-up foto’s te maken. Bijen en hommels gonzen tussen de vele bloemen, te verzadigd aan nectar en honing om ook maar van enige hinder voor de mens te zijn. Vlinders fladderen van bloem tot bloem. Af en toe zie je een hagedis in het gras ritselen of zich, op een open plekje, koesteren in de zon.

De tuin is deel van een natuurgebied van bijna 300 hectare dat beheerd wordt door het Staatsbosbeheer, waarvan ongeveer 275 hectare in eigendom. Buiten de bloeiperiode van de orchideeën wordt het grasland gehooid en beweid met Mergellandschapen, een ras dat er van oudsher thuishoort. Als men dit niet zou doen, zou de bodem langzaamaan verrijken door toename van humus en stikstof en zou het grasland veranderen in een struweel en uiteindelijk in bos overgaan. Dat zou de orchideeën niet ten goede komen.

Meer dan orchideeën
Het Gerendal biedt veel meer dan alleen de mooie Orchideeëntuin. Voor wandelaars zijn er veel mogelijkheden. Zowel de natuur als de mens hebben door de eeuwen heen aan dit bijzondere droogdal gewerkt. Behalve de kalkgraslanden zijn er fraaie hellingbossen met een rijke schat aan loofhoutsoorten zoals Zoete Kers, Zomer- en Wintereik, Beuk, Linde, Haagbeuk en Lijsterbes, struiken als Wilde mispel, Kardinaalsmuts, Hazelaar en Vlier, en de ‘lianen’ Bosrank en Kamperfoelie. De hellingbossen zijn altijd te steil voor landbouw geweest en hebben daarom zichzelf behouden. De bossen leverden wel hakhout. Tegenwoordig worden de bossen met rust gelaten zodat ook daar nu wilde orchideeën groeien. Er zijn ook oude ‘hoogstamfruitboomgaarden’, zo genoemd omdat de stammen van de bomen tot zo’n twee meter van de grond takvrij zijn, zodat de bladeren en het fruit niet door vee kunnen worden aangetast.

Omdat er geen beken door het droogdal stromen zijn er eens poelen gegraven voor drinkwater voor vee. In het voorjaar maken salamanders, kikkers en padden er dankbaar gebruik van om er hun eieren in af te zetten. Staatsbosbeheer onderhoudt de poelen om bedreigde amfibieën te behouden. Ook zij maken deel uit van de unieke natuur van het schone Gerendal

foto603
tekstkader

2010 | © Copyright 2007 Nederlandse Orchideeën Vereniging. | 

[ Web beheer www.connext4you.nl ]